Radiotherapie

Radiotherapie betekent een behandeling met straling. De straling wordt uitwendig gegeven en dringt via de huid diep in het lichaam door. Er wordt gebruik gemaakt van een zeer krachtige röntgenstraling die in het bestralingstoestel wordt opgewekt. Na de behandeling is alle straling uit het lichaam verdwenen.

Door deze straling zal het erfelijke materiaal in de kankercel, het DNA, beschadigd worden. Gezonde cellen worden ook beschadigd, maar hebben het vermogen van deze schade te herstellen. Kankercellen kunnen van deze beschadiging van het DNA niet goed herstellen. Ze verliezen het vermogen zich te delen en sterven af. In de bestralingstechniek is de laatste jaren veel vooruitgang geboekt. Zo kan er zeer nauwkeurig worden bestraald, mede door middel van beeldvorming die aan de moderne bestralingstoestellen is gekoppeld. Hiermee wordt bereikt dat de precisie van een bestraling is verhoogd en de bijwerkingen zijn daardoor zo gering mogelijk.

Een bestralingsbehandeling wordt in meerdere keren gegeven. Het aantal bestralingen is afhankelijk van de soort longkanker, de grootte en de uitzaaiingen van de kanker, de locatie en je conditie. Een totale bestralingsbehandeling kan 5 tot 6 weken duren en wordt meestal één keer per dag gegeven, gedurende 5 dagen per week. Een bestraling neemt ongeveer vijftien minuten in beslag. De meeste tijd is nodig om je in de juiste positie te leggen voor de behandeling. De effectieve bestraling zal slechts enkele minuten duren.

Stereotactische bestraling
Een stereotactische bestraling is een bestraling met hoge precisie en met een hogere dosis dan andere bestralingen. Deze bestraling wordt slechts in één of enkele keren gegeven. De stereotactische bestraling kan worden ingezet als de tumor nog klein is en er geen kankercellen in lymfeklieren van de borstholte zijn gevonden. Een stereotactische bestraling duurt ongeveer een half uur. Chemotherapie kan op verschillende manieren gecombineerd worden met radiotherapie. De longspecialist, de chirurg en de radiotherapeut bespreken dan gezamenlijk de behandelmogelijkheden. Een bestralingsbehandeling kan ingezet worden met genezing als doel. Als de longkanker is doorgegroeid of uitgezaaid naar andere delen van het lichaam, dan is genezing niet meer mogelijk en wordt de behandeling hier op aangepast. Geeft de longkanker pijnklachten of bloedingen, of dreigt het de luchtwegen of bloedvaten af te sluiten, dan kan een bestralingsbehandeling deze klachten verlichten. De tumor wordt door de bestraling kleiner en in zijn groei geremd. Dit wordt een palliatieve bestraling genoemd.

Bijwerkingen
Van een bestraling voel je niets. Wel bemerk je na enige tijd het effect van de bestraling. De bijwerkingen van een bestraling zijn afhankelijk van het gebied dat bestraalt wordt en de toegediende dosis. De meeste bijwerkingen zijn tijdelijk. Over het algemeen kun je vermoeidheid ervaren, kan er lichte hoest ontstaan en kan de huid op verschillende plekken licht rood of jeukerig zijn. Zijn er lymfeklieren waargenomen die ook kankercellen bevatten, dan zullen deze ook bestraald worden. In dit geval is het mogelijk dat in de loop van de behandeling klachten van de slokdarm ontstaan, met name als het voedsel de slokdarm passeert. Ook dit zijn tijdelijke klachten en gaan na de bestraling vrijwel altijd weer over.

De keuzehulp longkanker (www.keuzehulp-longkanker.nl) helpt patiënten met niet-kleincellige longkanker in een vroeg stadium te kiezen tussen een operatie en stereotactische bestraling.

Meer informatie over radiotherapie

Brochure Radiotherapie van het KWF Radiotherapie in het Catharinaziekenhuis Oncoline (richtlijnen oncologische zorg)